Nederland – Turkije 3k km

Zaterdag 22 juli 2017, 7:45 uur. Het is tijd om te vertrekken vanuit Hilversum met als eindbestemming Turkije. Ik als enige chauffeuse en mijn twee broertjes (19 en 23) als mijn assistenten voor wanneer ik dorst of trek krijg in de auto. Om 9:10 uur waren we al in Duitsland. De eerste tank hebben we gevuld in Duitsland. Pas om 21:00 uur reden we Oostenrijk binnen. Oostenrijk heb ik met 1 trap op het gaspedaal uitgereden, niet gestopt, niet getankt, helemaal niets; binnen 3,5 uur waren we Oostenrijk uit.

Toen we Hongarije binnenreden voelde ik dat ik niet meer kon. Ik ben bij het eerste tankstation dat we tegenkwamen gestopt om een powernap te doen in de auto. Het begon te regen en ook onweerde het (bleh). Ik probeerde te slapen, echter viel mijn oog op iemand die zijn auto gelijk links van me had geparkeerd. Het regende en de beste man stond buiten met een aantal mensen samen. Ik vertrouwde het niet, ik bedoel, waarom sta je buiten te niksen terwijl het keihard regent? Ik had al een aantal dingen gelezen wat ik eventueel kon meemaken onderweg, diefstallen, mensen die spijkers op de (snel)weg gooien etc. Elke keer als ik naar hem keek, merkte ik dat hij ook naar mij keek. Mijn broertjes sliepen inmiddels. Ik vertrouwde het niet en ben iets verderop gaan parkeren. Tot 5:00 uur heb ik een aantal uurtjes mijn ogen dicht kunnen doen. Een kwartier later reden we op de snelweg en het begon te regenen waar je u tegen zegt, net een lopende kraan. Iedereen reed 30-40 op de snelweg met alarmlichten aan. Ik denk dat we zo’n 30-45 minuten op deze manier hebben gereden. Toen het was gestopt met regenen, ben ik gaan tanken (2e tank) en kreeg ik plots een hevige buikpijn. Een pijn die ik niet eerder heb gehad. Een uur lang hebben we stilgestaan bij het tankstation in Hongarije. Na dat uur ging het gelukkig weer beter met me en ging ik verder rijden. Niet veel later zagen we auto dat over de vangrails op zijn kop was beland in het gras, een lichaam dat ernaast lag met een wit doek; morsdood. Dat was even slikken voor ons. En maximaal 30 minuten later stonden we vast, geen kant dat we op konden. Er was verderop een kettingbotsing gebeurd waar 3 auto’s bij waren betrokken. 2 traumahelikopters, ambulances, politieauto’s. 2 uur lang konden we geen kant op; 31 graden Celsius was het en we hadden geen schaduw. Vreselijk! Achteraf bedacht ik me, dat het misschien wel voor m’n neus gebeurd was als ik niet een uur lang gestopt was wegens mijn buikpijn. Of nog erger; misschien hadden wij degenen kunnen zijn die betrokken waren bij de botsing. Heftig allemaal.

Rond een uur of 14:00-15:00 reden we Servië in. Een land waar in het begin de wegen vreselijk, afschuwelijk en lelijk zijn, maar na een half uur glij je over de wegen; zo fijn wordt het dan! Supermooi landschap dat je te zien krijgt, heel veel groen en veel bergen. Hier hebben we voor de 3e keer getankt. Rond een uur of 21:00 uur reden we Bulgarije binnen. Wat zijn de wegen mooi geworden daar zeg! Ik zag een flitspaal, volgens mij de eerste die we gedurende onze hele rit zijn tegengekomen en ik zei tegen mijn broertjes ‘kijk jongens, onze eerste flitspaal’, ik wees ernaar en ineens werd ik geflitst. Huh, hoe kan dat? Ik reed 90 op een weg waar je 140 mag rijden en ik word geflitst? Dan ben ik wel heel erg benieuwd naar de foto (als ik de boete tenminste thuis krijg), Fatma, wijzend naar een flitspaal en lachen ook nog! Haha.. Een nieuwe profielfoto voor op Facebook.

Het is inmiddels 24 juli en rond 1:00-2:00 kwamen we dan eindelijk aan bij Kapıkule, de grens van Turkije. Het was er zo ontzettend druk, dat we pas in de ochtend rond 6:45 uur Turkije binnenreden. Wat ik daarna heb gedaan? Wacht op mijn volgende blog. To be continued…..

#Turkije#vakantie#Turkey#vacation#holidar#carjourney#family#familie#roadtrip#trav#travelling#traveling#europe#asia

Met de auto naar Turkije vanuit Rotterdam..

Het is alweer een tijdje geleden dat ik wat gepost heb. In de tussentijd ben ik naar Barcelona, Katowice, Istanbul en Rome geweest. Binnenkort, over exact 16 dagen zal ik in de auto zitten samen met mijn twee broertjes. We gaan vanuit Rotterdam naar Turkije met de auto (3500km!). We hebben er zin in. Binnenkort meer….

Wat is jullie verste autoreis geweest?Screenshot_20170704-103136

I’m coming home..

I’m coming home, I’m coming home, tell the world I’m coming home.. 😥

Thailand, Bangkok, de stad, het land waar mijn avonturen begonnen. Nu is het tijd om gedag te zeggen. Ik heb 30 dagen van elke dag, elk moment genoten. (Ik hoop dat jullie ook hebben genoten van mijn verhalen en foto’s). Ik heb nieuwe, leuke mensen ontmoet. Ik heb heerlijk gegeten. Ik heb veel geleerd en veel gezien; van Bangkok tot Pai, van Koh Samui tot Taman Negara, van Kuala Lumpur tot aan Singapore. Dit was een enorme ervaring voor mij. Dit was zo’n bijzondere ervaring dat ik nu al weet waar ik volgend jaar heen wil.

Een tip van mij; als je de mogelijkheid hebt, reis dan! Je bent zoveel rijker op het moment dat je weer naar ‘huis’ gaat. Er bestaat meer dan alleen thuis. Ga, zie, leer, ervaar en kom heelhuids terug. Durf je niet? Neem mij dan mee!

image

Singaporeporepore..

Vrijdag 11 september..

Ik ben net terug uit Taman Negara in Kuala Lumpur, want over 4 uurtjes vertrekt mijn bus naar Singapore. Net een dag voordat ik naar Taman Negara zou gaan, dacht ik bij mezelf; Fat, als je toch al zo dichtbij Singapore bent, waarom niet even een bezoekje brengen? Zo gezegd, zo gedaan, dus een busticket gekocht. Heel impulsief, want ik had Singapore van mijn lijstje geschrapt, omdat ik dacht dat ik in tijdnood zou komen, maar zo zie je maar. Impulsiviteit, dagen en tijd vergeten. Het hoort allemaal bij het backpacker-being en nog veel meer.

De rit van Kuala Lumpur naar Singapore duurde 5 uur met de bus. Aangekomen bij de douane werd er gelijk moeilijk gedaan, want Fatma wist niet waar ze zou verblijven, en dat is een must. Na 15 minuten van het kastje naar de muur te zijn gestuurd (midden in de nacht, vermoeid en slapeloos) heb ik dan eindelijk voet gezet op Singaporese grond. Ik kwam aan om 2 uur in de nacht. En nu? Welke kant moet ik op? Waar ga ik mijn loodzware backpack naartoe sjouwen in deze hitte? Even voor jullie beeld; mijn backpack was 10 kilo toen ik vanuit Amsterdam naar Bangkok vloog. Bij mijn laatste vlucht van Penang naar Kuala Lumpur was dat getal ineens omhoog gekrikt naar 17 kilo. Jeetje, wat heb ik aan 7 kilo gekocht!? En loodzwaar als dat het voelt voor een tengere griet als ik (lacht)!

Ik had in mijn vorige post al gezegd dat ik, voordat ik naar een stad ga, een aantal verblijfplaatsen opzoek en er vervolgens één uitkies. Dat heb ik dus gedaan, maar het hostel dat ik had uitgekozen was vol. Oeps. En nu? Het is maar dat ik in Lavender ben afgezet door de buschauffeur, waar allemaal hostels waren blijkbaar. Na nog geen 10 minuten te hebben gelopen had ik eindelijk (na 3 pogingen) een hostel gevonden die een bedje had pour moi!

Een paar uur later wakker geworden om rond te slenteren in de stad. Ben overal naar toe geweest; Sultan Mosque, Sri Mariamman tempel, Chinatown, Arabstreet, Marina Bay Sands, Little India, Orchard road, noem het maar op. Na 10 uur gelopen te hebben, had ik het wel weer gezien. De volgende dag wederom hetzelfde gedaan.

Singapore is een land/stad waar ik niet veel over kan vertellen eigenlijk. Het gaat voornamelijk op de ‘show’, hoe welvarend men wel niet is. Heel spectaculair is het niet. Zeker niet zoals Thailand en Maleisië is. Oh ja, 1 ding kan ik wel vertellen: het is er DUUR!!

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

Singaporeporepore..

Vrijdag 11 september..

Ik ben net terug uit Taman Negara in Kuala Lumpur, want over 4 uurtjes vertrekt mijn bus naar Singapore. Net een dag voordat ik naar Taman Negara zou gaan, dacht ik bij mezelf; Fat, als je toch al zo dichtbij Singapore bent, waarom niet even een bezoekje brengen? Zo gezegd, zo gedaan, dus een busticket gekocht. Heel impulsief, want ik had Singapore van mijn lijstje geschrapt, omdat ik dacht dat ik in tijdnood zou komen, maar zo zie je maar. Impulsiviteit, dagen en tijd vergeten. Het hoort allemaal bij het backpacker-being en nog veel meer.

De rit van Kuala Lumpur naar Singapore duurde 5 uur met de bus. Aangekomen bij de douane werd er gelijk moeilijk gedaan, want Fatma wist niet waar ze zou verblijven, en dat is een must. Na 15 minuten van het kastje naar de muur te zijn gestuurd (midden in de nacht, vermoeid en slapeloos) heb ik dan eindelijk voet gezet op Singaporese grond. Ik kwam aan om 2 uur in de nacht. En nu? Welke kant moet ik op? Waar ga ik mijn loodzware backpack naartoe sjouwen in deze hitte? Even voor jullie beeld; mijn backpack was 10 kilo toen ik vanuit Amsterdam naar Bangkok vloog. Bij mijn laatste vlucht van Penang naar Kuala Lumpur was dat getal ineens omhoog gekrikt naar 17 kilo. Jeetje, wat heb ik aan 7 kilo gekocht!? En loodzwaar als dat het voelt voor een tengere griet als ik (lacht)!

Ik had in mijn vorige post al gezegd dat ik, voordat ik naar een stad ga, een aantal verblijfplaatsen opzoek en er vervolgens één uitkies. Dat heb ik dus gedaan, maar het hostel dat ik had uitgekozen was vol. Oeps. En nu? Het is maar dat ik in Lavender ben afgezet door de buschauffeur, waar allemaal hostels waren blijkbaar. Na nog geen 10 minuten te hebben gelopen had ik eindelijk (na 3 pogingen) een hostel gevonden die een bedje had pour moi!

Een paar uur later wakker geworden om rond te slenteren in de stad. Ben overal naar toe geweest; Sultan Mosque, Sri Mariamman tempel, Chinatown, Arabstreet, Marina Bay Sands, Little India, Orchard road, noem het maar op. Na 10 uur gelopen te hebben, had ik het wel weer gezien. De volgende dag wederom hetzelfde gedaan.

Singapore is een land/stad waar ik niet veel over kan vertellen eigenlijk. Het gaat voornamelijk op de ‘show’, hoe welvarend men wel niet is. Heel spectaculair is het niet. Zeker niet zoals Thailand en Maleisië is. Oh ja, 1 ding kan ik wel vertellen: het is er DUUR!!

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

Fat in de jungle..

Woensdagochtend 08.30 uur en Fatma zit weer eens in de bus. Dit keer heb ik een tour van 3 dagen geboekt naar Taman Negara, het oudste en grootste regenwoud van de wereld. Eerst was het 3 uur met de bus naar Jerantut. Vanaf de plek waar ik heb geluncht in Jerantut nog eens een half uur tot de opstapplek voor de longtailboot (ferry, hè Esther, Manon, Maarten en Roy!? haha). De 4 bovengenoemde personen heb ik onderweg naar TN leren kennen. En met de longtailboot nog eens 3 uur om in Taman Negara te komen. Wat was dit een vermoeiende reis zeg, poeh.
Eind goed, al goed, rond 17.00 uur was ik aangekomen in Taman Negara. Groen. Heel veel groen zag ik om me heen. Heel mooi was dat! Opgefrist, avondeten gehad en huppa mijn eerste missie: de nightwalk (inclusief alle levende junglebeesten- en insecten). Brrr haha.. Ik heb niet veel bijzonders gezien, wat ik aan de ene kant jammer vind, maar aan de andere kant ook weer opgelucht ben. Stel je eens voor dat ik een slang zou zien of horen. Ik denk dat ik zo weer in Kuala Lumpur zou zijn, al rennend! Haha..

De volgende dag had ik de Taman Negara hike. Lopen, treden en bomen. 1.5 km heen en 1.5 km terug. Je zou haast denken dat het zo gezegd, zo gedaan is, maar niets is minder waar. Normaal hike ik alleen van mijn huis naar de tramhalte, dus dit was extra vermoeiend voor mij, vooral omdat mijn conditie 0,0 is. Wat ik in ruil voor al het zweet en de moeite terugkreeg? Dat was bijzonder mooi (zie foto’s)! Op de weg terug bereiken we de Canopy Walkway. De walkway bestaat uit bruggen die hoog tussen de toppen van de bomen zijn opgehangen. Je loopt over smalle planken met rechts en links een leuning van touw. Soms loop je 40 meter boven de grond en dan weer 20 meter. 

Daarna hebben we een village bezocht; het Orang Asli Village. Orang Asli betekent letterlijk: oorspronkelijke bewoners. De Orang Asli wonen in kleine stammen in het oerwoud. De stam die ik bezocht had heeft circa 10 huisje (soort afdakjes met een verhoogde vloer) en wonen niet ver van de rivier. In het dorp zien we een paar mannen, vrouwen en opvallend veel kinderen. Men leeft onder primitieve omstandigheden; de huisjes hebben geen elektriciteit of stromend water. Dit zorgde voor een extra dankgebed voor het feit hoe goed wij het eigenlijk wel niet hebben. Kraan opendraaien en we hebben water. Gasfornuis aan en we hebben vuur en niet veel later eten. Zucht.

Als we een rondje door het dorp hebben gelopen, krijgen we een voorproefje hoe de Orang Asli vuur maken. Benodigdheden: hun handen, rotan en Meranti.

Ze trekken er regelmatig op uit om te gaan jagen op vogels en apen. Ze maken hierbij gebruik van een zelfgemaakte blaaspijp en pijltjes. De blaaspijp is gemaakt van bamboe van ongeveer 1,5 meter lang, hun pijlen (ook gemaakt van bamboe) zijn net zo groot als een satéstokje en de punt is ingedoopt in een verdovende (giftige) vloeistof die van een bast is gemaakt. Binnen een afstand van 20 meter is een “schot” dodelijk.

Zo komt er eigenlijk een einde aan onze tour in Taman Negara, maar niet aan onze avond hè Esther, Manon, Maarten en Roy! Haha..

De volgende ochtend vroeg zit ik, na mijn ontbijt, weer in de longtail, onderweg naar Kuala Lumpur, want in de avond vertrekt mijn bus weer. Waarnaartoe? Dat lees je in mijn volgende blog! Tot snel.

image

In de longtailboot

image

image

Uitzicht vanuit mijn hostel

image

Rayyn, de zoon van de eigenaar van het hostel

image

image

Manon, Esther, Maarten, Roy en ik

image

Nog niet helemaal wakker..

image

Taman Negara onder mijn voeten

image

image

image

image

Orang Asli

image

image

image

image

image

image

Zo maken ze vuur

image

Hiermee jagen ze

image

image

Kuala Lumpur, de stad van ‘if you love human, I love you’!

Kuala Lumpur, zondagochtend 6 september..

Vanuit Penang heb ik dus voor €17,85 gevlogen naar Kuala Lumpur. Jezus, wat goedkoop! Dat is in Nederland een treinkaartje dacht ik bij mezelf. En wat moest ik veel lopen om bij de bagages te komen zeg, zelfs op Schiphol is de afstand tussen de gate en bagage claim niet zo ver.
Eenmaal mijn backpack te hebben gepakt van de band, liep ik naar beneden. Ik zag een ‘taxi counter’ en vroeg hoeveel het kostte om in Chinatown te komen. 75 ringgit zei ze (even voor de duidelijkheid €1 = 4,70 rm). Ruim €16,-. “Okay, what’s a cheaper way to get there?” “You can take the bus.” “How much is that?” “10 rm”. Gelijk doen! Een uur later werd ik middenin Chinatown gedropt. Nu moest ik nog mijn guesthouse vinden die ik op Booking.com had gevonden, maar niet had geboekt. Zo doe ik het trouwens met al mijn verblijfplaatsen; eerst een paar vinden op Booking.com, screenshots maken en vervolgens ernaartoe navigeren vanaf de plek waar ik ben.

Hoelang wil je blijven was de eerste vraag van de receptionist. “I don’t know, maybe 2 maybe 3 nights” “Let’s say 3 nights” zei ik er achteraan. “120 rm”. “Nooo, too expencive” en 10 seconden later kon ik er 3 nachten verblijven voor 100 rm. Goed toch!?

Nadat ik mijn spullen in mijn kamer had gelegd ben ik de stad wezen verkennen, al lopend, maar volgens mij ben ik de hele verkeerde kant op gegaan, want er was niets te beleven. Ik heb ruim 3, 4 uur gelopen en toen ik eindelijk weer in mijn hostel kwam, kon ik mijn ogen niet open houden. Een teken van ‘Fat, tijd voor een powernap’. Nja, eigenlijk gewoon 4 uur lang geslapen, ik was gewoon bekaf!

De volgende dag, toen ik onderweg was naar de Batu Caves, heb ik 2 Finse jongens leren kennen in de trein. Toen we eenmaal bij de Batu Caves waren, moesten we 272 treden omhoog wilden we echt bij de Cave zijn. Er was alleen 1 obstakel; apen. En nee, niet 1 of 2, maar echt een stuk of 20-30 apen waren het naar mijn idee. Fatma, plastic tasje met water in haar hand en apen. Niet de juiste combi. En zoals je al kunt raden, ik werd ‘aangevallen’ door een aap. Ik kan er nog steeds om lachen haha.. Blijkbaar houden apen van plastic tasjes, omdat ze denken dat er eten voor hen in zit. Hij liep op me af, zonder dat ik van zijn kwade bedoelingen op de hoogte was en hij sprong en probeerde die tas uit mijn hand te graaien. Ik liet ook abrupt los haha. 1 van de Finse jongens had zijn camera op recording staan, dus hij heeft dit spectaculaire moment gefilmd. Ik plaats het filmpje gelijk, zodra ik het ontvangen heb van hem.
Toen ik weer naar beneden liep bij de Batu Caves, viel mij een stelletje op dat achter mij liep, ik weet niet waarom. Na de Batu Caves ben ik naar de Petronas Towers gegaan. Man, wat een enorm gebouw met veel verlichting zeg! Ik wilde erin gaan, maar ten eerste waren ze gesloten op de maandagen en ten tweede is de entree 84,50 ringgit. WAT!? Holy kanonnen. Hoe durven jullie zoveel geld te vragen. Vooral voor Aziatische begrippen. Nja, dan niet zei ik tegen mezelf en liep ik weg haha.

Dinsdag wilde ik naar het Birdpark en omdat het niet heel ver van mijn hostel vandaan was, wilde ik lopen. En nog geen 15 minuten later zag ik 2 bekende gezichten. Het stelletje dat gisteren achter me liep bij de Batu Caves. Naaa, dat was toevallig! Zij waren ook onderweg naar het Birdpark, dus we gingen samen.
Eenmaal daar aangekomen zijn we niet naar binnen gegaan, want de entree bedraagt 50 rm. Er waren nog een aantal andere mensen die ook vanwege die reden niet naar binnen zijn gegaan.

We zijn er weggegaan en gingen naar Chow Kit. Onderweg daarnaartoe zagen we een man met een bijzondere gezichtsuitdrukking. “Sir, can we take a picture?” was onze vraag. “Ofcourse” zei hij en we raakten even aan de praat. Zijn naam is Dr. Syed Muhammad Hussain Pirzada. Hij komt uit Pakistan en was in KL voor zaken. Hij zei op een erg bijzondere manier de volgende uitspraak: “If you love human, I love you!” Die uitspraak is me vanaf dat moment bijgebleven. Het heeft me aan het denken gezet.

In de avond, na afscheid te hebben genomen van het Duitse stel, was ik onderweg naar mijn hostel, tot ik een app kreeg van Ayumie. Weten jullie nog? De meid die ik ontmoet had in Penang, vriendin van Nadia. Ze zei dat ze in KL was en wilde meeten. Tuuuurlijk wilde ik dat!

De volgende dag was het weer tijd om in te pakken. In mijn volgende blog zal ik vertellen waar mijn volgende stop is geweest.

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

Penang Penang Penang, zondagochtend 6 september..

Penang Penang Penang, zondagochtend 6 september..

Ik vloog afgelopen donderdagochtend dus van Krabi airport naar Georgetown, Penang – Maleisië. Maleisië is overgens het tweede Islamitische land dat ik heb bezocht, na Turkije.  Eenmaal aangekomen en ingecheckt in mijn guesthouse ben ik de stad wezen verkennen. Ik kwam bij een streetfood-kraampje en ik bestelde laksa. Het zag er niet bijzonder wauw uit, maar lekker dat het smaakte die vissoep, jum! Ik had besteld en ging aan de overkant aan een tafel zitten om mijn eten dat dadelijk zou komen, te veroberen. Tot er 2 mannen naar mij toekwamen en 1 ervan in het Engels begon te praten (excuserend en wel, omdat hij mij stoorde dacht hij) en vroeg mij of hij mijn nationaliteit mocht weten. Hij en zijn vriend zagen mij lopen en de 1 had gezegd dat ik Maleisisch ben (door mijn tattoo op mijn schouder, wat overigens de maan en ster van de Turkse vlag is) en de andere dacht dat ik uit Spanje kwam. WRONG guys! Als ik nieuwe mensen leer kennen en ze vragen mij waar ik vandaan kom, is mijn antwoord automatisch “I’m from the Netherlands, but I’m Turkish”. Ik weet niet waarom ik de zin na de komma erbij vermeld, misschien wel het stukje nationalistische in me (giechelt). Ze waren verbaasd, want volgens hen leek ik helemaal niet Turkse. Sorry guys, but I’m really Turkish.

Anyway, na hen kort gesproken te hebben kwam mijn eten en namen de backpackende Australiër en de Mauritiuser afscheid van me.
Ik had ook drinken besteld, maar niemand bracht mij mijn drinken. Links van me zaten 2 meiden die door hadden dat mijn drinken maar niet kwam, dus stond de ene op om persoonlijk mijn drinken te halen, heel lief. De meid die opstond heet Nadhia en de andere Ayumie, 2 leuke dames. Nadia werkt bij Mews, een authentiek restaurantje vlakbij Chulia street. Toen ik mijn eten ophad en opstond om te gaan zei ik tegen haar dat ik haar zou komen bezoeken bij Mews. Ik ging nog even de stad kennen en toen ik aankwam bij mijn guesthouse stond er een jongen in de tuin die mij erg verbaasd aankeek. Nog voor ik kon vragen of er wat aan de hand was, zei hij dat hij verbaasd was, omdat hij mij had gezien op Krabi airport, ik een paar stoelen achter hem zat in het vliegtuig en nu ook nog eens in hetzelfde guesthouse zat. Maar echt, ik herkende hem niet. Hij is Chinees en zoals ze in Thailand zeggen: “same same but different” haha.. De volgende dag hebben we samen, met nog een andere Chinese jongen opgetrokken; we zijn eerst naar een camera museum geweest en erna naar de Kek Lok Si tempel. Wat was het mooi daar zeg! Het ligt ook hoog waardoor Penang onder je voeten ligt, maar helaas was het ietswat mistig, waardoor het uitzicht niet heel bijzonder was, maar toch genoot ik enorm!

Trouwens, tijdens het schrijven van dit bericht, zit ik in het vliegtuig van Penang naar Kuala Lumpur waarvan de reistijd slechts 1 uur duurt. Gisteren geboekt voor €17,-. Te bizar al deze vluchtprijzen hier! Ik krijg dit bericht niet af, dus ik ga zo wel verder vanuit Kuala Lumpur.

Oké, het is inmiddels een dag later nu ik dit bericht verder schrijf (namelijk 7 september), maar oh wat is Kuala Lumpur mooi! Meer over Kuala Lumpur in m’n volgend bericht. Nu eerst verder met Penang.

Diezelfde avond (vrijdag) ben ik naar Mews gegaan, het restaurant waar Nadia werkt. Wat heb ik daar lekker gegeten zeg!

De volgende ochtend/middag ben ik nogmaals langs geweest om te lunchen en ook afscheid te nemen van Nadia, want ik zou de volgende ochtend vroeg vertrekken richting Kuala Lumpur. Wat is zij toch een schat van een meid.

Daarna wilde ik naar de Penang Hill, maar dankzij 2 mensen die zeiden dat bus 204 langs deze straat kwam (al wijzend naar de straat waar ik stond), heb ik 45 minuten voor Jan Doedel gewacht, want bus 204 reed een straat verder. En het begon te regenen en regenen. Ik besloot maar al stampvoetend terug naar mijn guesthouse te gaan. Ach ja, kan gebeuren.

In de avond zijn wij, een aantal gasten van het guesthouse, de eigenaar en ik (welgeteld 8 mensen) in 1 klein autootje naar het Hard Rock Hotel gegaan, voor de foam party. Dat was echt superleuk!

Zondagochtend was het helaas tijd voor afscheid, want Kuala Lumpur staat te popelen om mij te ontmoeten.

P.s. Maakt u zich geen zorgen meneer Van der Geer (Dirk), zodra ik in de gelegenheid ben, zal ik berichten plaatsen. Groetjes aan Letty!

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image

image
image
image
image

Van Pai naar Koh Samui..

Van Pai naar Koh Samui, zaterdagochtend 29 augustus 2015..

Voor afgelopen zaterdag had ik een mini-van ticket gekocht van Pai naar Chiang Mai, want in Chiang Mai wacht mijn vlucht naar het eiland Koh Samui, het derde grootste eiland van Thailand. De rit van het noorden naar het zuiden zou in totaal 11 uur duren met de mini-van, het vliegtuig, de bus, de ferry en daarna nogmaals een mini-van.

Omdat ik de heenweg naar Pai vanuit Chiang Mai met de scooter heb afgelegd, waren die 762 bochten op dat moment easy pie easy cake voor mij. Maar, dan was er nog de terugweg. Die kon ik helaas niet doen met de scooter, want dit keer was ik gebonden aan tijd, want mijn vliegtuig vertrekt binnen een aantal uur. Eind goed al goed, dus maar een ticket gekocht voor de mini-van. Her en der las ik dat het de ‘kotsroute’ is, als je met de ‘kots mini-van’ gaat, maar had me er niet veel van aangetrokken. Ik zit in de mini-van, 7 uur ’s ochtends, niets gegeten, wel een flesje water gekocht. Ik zat er net een half uur in en jawel hoor, ik voelde iets in mijn maag. Ach, het zal wel de trek zijn dacht ik bij mezelf (wilde het gevoel van misselijkheid op deze manier negeren) maar een kwartier later was het raak; overgeven. Bleh. En dat terwijl ik nog maar aan het begin van mijn trip ben en nog 10 uur lang moet reizen, zucht. Godzijdank viel ik al snel daarna in slaap en voor ik het wist was ik op Chiang Mai airport.

Rond 15.00 uur was ik geland in Suratthani om vervolgens met de bus naar de pier om vanaf daar verder te gaan met de ferry. Mooi water, maar bewolkt. Maarja, het is het regenseizoen in Thailand, dus had sowieso al niet veel zon verwacht. Anderhalf uur later was ik dan eindelijk aangekomen op Koh Samui, waar het inmiddels donker was.
Er kwam een man naar me toe die mij vroeg waar ik heen wilde. Ik noemde de naam van mijn guesthouse en hij zei ‘ok, 400 baht’. ‘Nooo, too expencive’ was het eerste wat ik zei. Met mijn bargain kunsten wist ik er uiteindelijk 200 baht van te maken en ik liep met hem mee. Toen ik zag waarmee hij mij wilde vervoeren lachte ik, maar was tegelijkertijd ook verbaasd; namelijk met een klein scootertje. Dat gaat ‘m dus niet worden, dacht ik. Die man voorop, ik achterop, voor mij mijn daypack en achter mij nog eens mijn backpack!? Hell no! Ik zei maar dat ik het eng vond op de scooter (die man hoeft toch niet te weten dat ik een paar dagen ervoor een scootertrip van 137 kilometer had afgelegd). Uiteindelijk vond ik 2 minuten later een mini-van, ook voor 200 baht. Jeej!

De daarop volgende twee dagen was ik op Koh Samui, aan het Chaweng beach. Ik zou er eigenlijk 2 nachten blijven, maar dat werden er uiteindelijk 3. Geen probleem, je kunt tijdens het backpacken altijd verwachten dat je van je planning afwijkt.
Dinsdag, de 1e van september, had ik weer een journey staan, want ja, je bent backpacker, staat nooit stil, nooit op 1 plek. Nu zou ik naar Krabi, Railay beach gaan. Wederom een reis die 10 uur zou duren. Op Suratthani busstation kwam ik 2 Nederlandse jongens tegen, Rick en Pim. Superleuk was dat! 1,5 dag samen opgetrokken. En dankzij hen ook een kayak gehuurd, anders had ik dat nooit gedaan. Gisteren, op 2 september, heb ik een vlucht voor vandaag geboekt naar Penang (Maleisië).

Op het moment van het schrijven van dit bericht, ben ik op Krabi Airport om Thailand te verlaten en mijn trip te vervolgen in Maleisië, te beginnen in Penang. Mijn vliegtuig vertrekt over een uur, dus snel inchecken. Jullie horen gauw van mij!

image
image
image
image
image
image
image
image

image

Het hippie-dorpje Pai

Het hippie-dorpje Pai..

Woensdag rond 17.00 uur kwamen we dus aan in Pai na een hele roadtrip vanuit Chiang Mai. Mij werden een aantal hostels aangeraden, maar Pai Circus hostel trok me het meest aan, dus gingen de Fransen en ik ernaartoe. Achteraf gezien had ik dat beter niet kunnen doen, het was er wel gezellig, maar ik zou in een bungalow slapen waarvan de onderkant best open was, dus alle insecten, beestjes en alles wat maar in de nacht leeft kon zo naar binnen sneaken. En laat dat nou net NIETS voor Fatma zijn!
Voor het slapengaan zijn we eerst nog even de Walking Street opgegaan. Lang niet zo groot als in andere steden, eerder knus, maar veel gezelliger. Een sushi hier, een dumpling daar, een stukje kip weer daar. Heerlijk!
Ook kwam ik daar 2 Duitsers tegen die in hetzelfde hostel als ik verbleven in Chiang Mai. Ik heb met hen afgesproken om de volgende dag de witte Buddha en de Pai Canyon te bezoeken.

We kwamen weer aan bij Pai Circus en wat keek ik er tegenop zeg. Ik had, toen ik had ingecheckt mijn klamboe al gelijk om het bed gedaan haha. Mond, neus, oren en ogen dicht en slapen maar.

We hebben afgesproken de volgende ochtend naar een hotspring gaan, dus we moesten vroeg op. Wat was het water heerlijk! Niet te warm, niet te koud. En het leukste; we hadden het helemaal voor onszelf, want er was niemand. Even tot rust gekomen, eindelijk de vermoeidheid van de lange scooterrit van me afgezwommen!
2 uur later hadden we het wel gezien en was het tijd voor afscheid, want mijn Franse vrienden gingen richting Mae Hong Son en ik weer terug naar Pai. Bon voyage jongens!

image

image

Eenmaal terug in Pai, heb ik een andere hostel gevonden welke mij beter beviel én in de town én voor dezelfde prijs nota bene!

In de middag sprak ik dus af met de 2 Duitsers. We zijn naar de Temple on the Hill (Wat Phra That Mae Yen) gegaan en om er te komen, moesten we 353 treden beklimmen. Eenmaal aangekomen wilden we even rusten, tot ik de adhaan (oproep tot het gebed voor de moslims) waardoor ik toen pas echt tot rust kwam! Echt wonderbaarlijk dat je de adhaan vanuit de enige moskee in Pai helemaal bovenin kunt horen. Alhamdoulillah!

image

image

Daarna zijn we doorgegaan naar de Memorial Bridge, de brug die gemaakt is door Japan tijdens Tweede Wereldoorlog om wapens vervoeren.

image

Daarna dachten de jongens dat Love Strawberry Pai wel wat voor mij zou zijn, dus wij erheen gegaan, zonder te weten wat ik kon verwachten. En jawel hoor, het was echt voor mij (zie de foto’s).

image

image

Vervolgens zijn we naar de Pai Canyon geweest om de zonsondergang te bewonderen, echter was het vanaf dit punt niet zo heel bijzonder.

image

image

image

De dag erop heb ik het erg rustig aan gedaan; mijn Duitse vrienden en ik zijn naar een waterval gegaan waar ik in slaap ben gevallen. Eenmaal weer aangekomen in de town, zag ik toevallig mijn Israëlische vriend Thomer, leuk!

image

Voor de volgende dag had ik een trip staan van ruim 14 uur van Pai naar het zuiden; het eiland Koh Samui.

To be continued..